Annet

Ik werk al jaren, met hart en ziel, in Dierenthuis en heb al heel wat verschillende dieren ogen verzorgen. De tandeloze, blinde Schorrie maar ook de onstuimige kleuter Onno. Bejaarde katten met amper nog vacht, raskatten en  straatschooiertjes. Al onze dieren zijn evenveel waard. Of het nu een schuwe verwilderde kat is die het liefst uit haalt als je in de buurt komt of juist een kat die meteen in je armen springt en nooit meer weg wil gaan. Voor mij zijn ze gelijk en verdienen ze allemaal de grootst mogelijke inzet en zorg.
Toch is er eentje met een speciaal plekje in mijn hart. Dat is zo gekomen: Vorig jaar zomer kreeg ik een auto ongeluk. Een busje zag me op de snelweg over het hoofd en drukte me van de weg. Met 120 kilometer per uur denderde ik een sloot in. Ik kwam er wonderbaarlijk goed van af. Maar daarna kreeg ik toch last van lichamelijke kwalen waardoor ik geen rust kreeg en niet kon slapen. Me gejaagd en gedeprimeerd voelde. Thuis kon ik mijn draai niet vinden. En waar kun je dan
beter naar toe te gaan dan naar Dierenthuis. De plek waar ik me fijn voel, tussen de dieren maar ook de mensen. Waar ik me niet groot hoefde te houden maar stilletjes bezig kon zijn. Knuffels van dieren en mensen kreeg. Ik nam mijn intrek in het logeerverblijf, dat ik ging delen met, toen nog maar, een kat. Het was Nalientje’s eerste nacht daar. Ze was blind van de straat gehaald met verminkte, uitpuilende en heel pijnlijke ogen. Haar zere oogjes waren meteen weggehaald en ze had nu een kopje met hechtingen. Ze was logischerwijs op haar hoede. Als ze iets in haar buurt voelde mepte ze voor de zekerheid vast om zich heen. Met wapperende pootjes probeerde ze zich te verdedigen. De eerste nacht lag ze op het nachtkastje. Van slapen kwam niet veel dus praatte ik zachtjes met haar. Ze liet toe dat ik haar heel voorzichtig aaide. De tweede nacht kwam ze in het donker behoedzaam op mijn kussen liggen. En zo leerden we elkaar kennen. Overdag was ik aan het werk in de opvang en verzorgde ik de dieren in de ziekenboeg. Medicijnen geven, zorgen dat ze een schone bench  en kattenbak hebben en frisse dekens. Niet altijd makkelijk als de kat erg schuw is en de bench maar klein. Je moet je daar echt op concentreren en hebt geen tijd om aan andere dingen te denken. Hoe schuwer de kat, hoe fijner het is als het lukt hem te verzorgen. In de donkere uurtjes ’s nachts dat ik het even niet zag zitten was daar altijd Nalientje. Die spinde en kopjes gaf en nu het liefst in mijn nek lag. We knapten samen op. Het logeerverblijf is nu een gezellige ruimte voor de sukkelaartjes en de kleine kittens. Als ik er binnen kom en Nalientje hoort mijn stem, dan spitst ze haar oortjes om te kijken waar ik ben en komt naar me toe. Ik kom hier graag om even pauze te houden op het waterbed en met alle dieren te knuffelen. Met de chronisch verkouden, proestende Boris. Wiebelkontje Moussie en de buitengewoon schattige Pietertje met zijn scheve koppie. Ze zijn me allemaal lief. Maar die ene, die eigenwijze, zachtrode Nalientje..…die toch net een heel klein beetje meer.

 

Volgende

Astrid en Tine

Vorige

Angelique

Reacties kunnen niet achtergelaten worden op dit moment.