Simba heeft jarenlang door een woonwijk in Den Haag gezworven. Hij had ooit een huis maar zijn eigenaar is lang geleden vertrokken, zonder Simba. Mensen uit de buurt waren op de hoogte van de situatie, maar als er al pogingen zijn gedaan om hem te vangen, zijn die mislukt. Ondertussen raakte Simba steeds meer verwilderd. Op een gegeven moment is Simba verkast naar een andere buurt, waar hij niet onopgemerkt bleef. Er kwamen meerdere meldingen binnen over een ongecastreerde kater die vocht met andere katten en veel herrie maakte, het werd al snel duidelijk dat het om Simba uit de naburige wijk ging. Het duurde niet lang voordat een vrijwilliger van de Dierenambulance Den Haag hem op het spoor kwam. Ze hoefde eigenlijk alleen maar op het geluid af te gaan. Met behulp van wat snoepjes liet Simba zich zien, en zelfs aaien. Hij zag er slecht uit, maar er was niet veel tijd om hem goed te bekijken: toen de snoepjes op waren ging hij er weer vandoor. Simba zou zich niet zomaar laten vangen. Maar een paar dagen later lukte het. Er werd een uitgebreid buffet klaargezet voor de altijd hongerige Simba. Terwijl hij zich op de tonijn stortte, wist de snel handelende vrijwilliger hem in de transportmand te krijgen. Nu moest blijken hoe hij er precies aan toe was na al die jaren zwerven – en dat viel niet mee. Zijn lijf was gehavend door het vechten, maar vooral zijn gebit zag er slecht uit en moet hem veel pijn en ongemak hebben bezorgd. Een kleine meevaller: hij is FIV/Felv negatief. Simba wordt gecastreerd en zijn gebit wordt onder handen genomen. Nu hij eindelijk goede zorg krijgt, knapt hij langzaam flink op. Van mensen wil hij echter nog steeds niets weten; zodra iemand in de buurt komt, begint hij te blazen en grommen.